Logo

Groenlof (Cichorium intybus var. foliosum) is een bladgroente die het midden heeft tussen witlof en andijvie. Het is vooral geschikt voor de najaarsteelt. Groenlof vormt langwerpige kroppen die een milde smaak hebben. Deze groente kan zowel rauw als gekookt gegeten worden.

Groenlof kan gezaaid worden van april tot eind juni. Bij vroege zaai moet warm in perspotten opgekweekt en na half mei buiten uitgeplant worden, omdat anders de plant voortijdig kan gaan schieten (in bloei komen). Het beste kan in de tweede helft van juni ter plaatse gezaaid worden met een rijafstand van 30 tot 35 cm en uitgedund tot een plantafstand van 25 tot 30 cm in de rij. De oogst valt dan van eind september tot begin november. Groenlof verdraagt lichte vorst maar de buitenste bladeren worden dan wel bruin.

Roodlof of radicchio rosso (Cichorium intybus var. foliosum) wordt in Italië al eeuwen geteeld en behoort tot dezelfde familie als de witlof. Roodlof heeft een bittere smaak. Er is een kruising gemaakt tussen roodlof en witlof. Het ras Robin is hier een voorbeeld van. De teelt komt in Italië vooral voor in de streek Veneto, tussen Venetië, Verona en Treviso. Van roodlof komen drie typen voor: Het type Chioggia, een type met donkerrode kropjes, die op sla lijken, ook wel onterecht rode sla genoemd. Het type rode van Verona dat in Italië naast een gewone teelt ook wordt ingekuild. Daar werd de techniek van het inkuilen geïntroduceerd door de Vlaamse tuinman Franciscus Van Den Borre. Het type ontstaan uit een kruising van roodlof met witlof. Dit type moet als witlof geteeld worden. De krop is wit met rode punten. Dit type is minder bitter dan de twee andere typen.